Blackjack is een zeer simpel spel wat door iedereen gespeeld kan worden, het doel van het spel is om meer punten te hebben dan de dealer en daarbij niet boven de 21 te komen. Mocht de dealer zichzelf kapot/dood spelen maar u niet, dan wint u. Bij een gelijke score gebeurt er niets en behoudt u uw inzet. Het gaat er dus om om zo dicht mogelijk bij de 21 te komen, maar je past je aan aan de kansen van de dealer.

Bij blackjack worden alle kaarten in het spel gebruikt, behalve jokers. De kaarten 2 t/m 10 hebben een overeenkomstige waarde, de boer, vrouw en heer zijn 10 punten waard. De aas is goed voor 1 of 11 punten, aan u de keuze. Wanneer u bijvoorbeeld een 5 en een aas heeft, is dit goed voor 16 punten, maar wanneer u een kaart vraagt en bijvoorbeeld een boer krijgt zit u plots op 26 punten. Dit maakt de aas 1 punt waard waardoor u totaal aantal punten 16 blijft, aan u de keuze wat uw volgende stap is. De kleur van de kaart doet er niet toe.

Bij het begin van het spel plaatst u uw inzet, vervolgens geeft de dealer u 2 kaarten en daarna geeft deze zichzelf 1 kaart die voor iedereen zichtbaar is. Nadat u heeft gepasst of kapot bent gegaan speelt de dealer. Hij doet dit volgens een vast patroon, hij passt namelijk op 17 of meer. Wanneer u bijvoorbeeld met uw 2 kaarten in totaal 10 punten heeft is het het verstandigste een kaart te nemen, anders passt u het beste, op de ‘Blackjack strategie’ pagina vindt u de meest optimale blackjack strategie.

U of de dealer heeft blackjack als er 2 kaarten zijn die samen 21 punten waard zijn, dus een 10 en een aas, of een plaatje en een aas. Het mooie aan een blackjack hebben is dat het u meer dan een ‘gewone’ blackjack oplevert, uw winst wordt namelijk anderhalf maal verdubbeld. Andersom geldt dit niet, dus als de dealer een blackjack heeft neemt deze alleen je inzet.

Ook kan u tijdens het spelen dubbelen of splitten, dat leggen we u hier uit. Dit zijn 2 mogelijkheden die u kan doen naast passen of een extra kaart nemen. Dit mag je doen nadat je je eerste 2 kaarten ontvangen heeft. Bij dubbelen verdubbel je je inzet en krijg je nog 1 kaart, 3 in totaal. Een voorbeeld om dit te doen is bij een 5 en een 6 tegen een 6 voor de dealer. Je hebt dan een behoorlijke kans op 21, maar de dealer heeft een grote kans om kapot te gaan.
De andere mogelijkheid is splitsen, dit is mogelijk als je 2 kaarten heb van een gelijke waarde, bijvoorbeeld bij een vrouw en een 10. Je legt dan eenzelfde inzet erbij en je krijgt vervolgens bij elke kaart een 2e. Nu speel je met 2 afzonderlijke handen, bij 2 azen kan dit bijvoorbeeld een goed idee zijn. Je voordeel wordt alleen beperkt doordat je maar 1 kaart erbij krijgt.

Veel speelplezier!